Hoe bereken je een gewogen gemiddelde?
Op school en tijdens je studie tellen niet alle cijfers even zwaar. Een proefwerk telt bijvoorbeeld drie keer, een schriftelijke overhoring één keer. Dat heet de weging. Het gewogen gemiddelde bereken je zo:
- Vermenigvuldig elk cijfer met zijn weging.
- Tel die uitkomsten bij elkaar op.
- Deel door de som van alle wegingen.
gemiddelde = (cijfer₁ × weging₁ + cijfer₂ × weging₂ + …) / (weging₁ + weging₂ + …)
Heeft geen enkel cijfer een weging, dan tellen ze allemaal één keer en krijg je het gewone gemiddelde.
Rekenvoorbeeld
Je hebt een 6,5 voor een so (weging 1), een 7,8 voor een praktische opdracht (weging 2) en een 5,9 voor een proefwerk (weging 3).
- 6,5 × 1 = 6,5
- 7,8 × 2 = 15,6
- 5,9 × 3 = 17,7
- Samen 39,8, gedeeld door 1 + 2 + 3 = 6 wegingen: 6,63.
Op één decimaal afgerond is dat een 6,6, een voldoende.
Wat moet ik halen?
Vul bij Gewenst gemiddelde in waar je op wilt uitkomen en bij Weging volgende toets hoe zwaar die toets telt. De calculator rekent terug welk cijfer je nodig hebt:
nodig = (doel × (totale weging + weging toets) − huidige som) / weging toets
In het voorbeeld hierboven, met een toets die twee keer telt: voor een 6 gemiddeld heb je minimaal een 4,1 nodig, voor een 7 gemiddeld een 8,1. Is het benodigde cijfer hoger dan een 10, dan is je doel met één toets niet meer haalbaar; is het lager dan een 1, dan haal je het hoe dan ook.
Afronden en voldoende
In Nederland is een 5,5 of hoger meestal een voldoende. Hoe er wordt afgerond, verschilt per school en opleiding. Sommige scholen ronden het rapportcijfer af op een heel getal, andere op één decimaal, en bij het eindexamen gelden landelijke regels. Een 5,45 kan dus op de ene school een 5,5 worden en op de andere een 5. Kijk in het PTA, het examenreglement of de studiegids hoe het bij jou zit; de calculator laat het onafgeronde gemiddelde en een afronding op één decimaal zien.
Procenten en andere schalen
Werk je met percentages, bijvoorbeeld bij een internationale opleiding of in de Verenigde Staten, kies dan de schaal Procenten (0–100). Je krijgt dan ook het Amerikaanse lettercijfer volgens de gangbare schaal 90/80/70/60. Een score omrekenen naar een cijfer van 1 tot 10 gaat met procenten berekenen of een cijferberekening van je school.
Handig om te weten
- Wegingen hoeven geen hele getallen te zijn. Ook percentages werken: "7,5 40" en "6 60" betekent dat de toetsen 40% en 60% tellen.
- Herkansing: vervangt een herkansing een eerder cijfer, verwijder dan de oude regel.
- Gewoon gemiddelde, mediaan of spreiding van een reeks getallen bereken je met gemiddelde berekenen en standaarddeviatie.
Tips voor je cijferoverzicht
Houd je cijfers per vak bij in een notitie of spreadsheet, met de weging erbij die in je PTA of studiewijzer staat. Kopieer de regels dan in één keer in de calculator. Zo zie je na elke toets meteen waar je staat en kun je op tijd bijsturen als een vak dreigt onvoldoende te worden. Check ook of een cijfer meetelt voor het schoolexamen of alleen voor je rapport.
Veelgestelde vragen
Hoe bereken ik mijn gemiddelde cijfer met weging?
Vermenigvuldig elk cijfer met de weging, tel alles op en deel door de som van de wegingen. De calculator doet dit voor je.
Welk cijfer moet ik halen voor een voldoende?
Vul bij Gewenst gemiddelde 5,5 in en geef de weging van de volgende toets op. De calculator toont het minimale cijfer.
Hoe wordt mijn rapportcijfer afgerond?
Dat verschilt per school. Vaak wordt afgerond op één decimaal of op een heel getal; kijk in het PTA of het examenreglement.
Kan ik ook procenten als weging gebruiken?
Ja. Een weging van 40 en 60 werkt precies hetzelfde als 2 en 3.
Wat als het benodigde cijfer hoger is dan een 10?
Dan kun je je doel met alleen de volgende toets niet meer halen. Kijk of er een herkansing of extra opdracht mogelijk is.
Wordt er iets opgeslagen?
Nee, alles wordt in je browser berekend en niet bewaard.
Laatst gecontroleerd: 2026-10-06. De uitkomst is een indicatie; aan de berekening kunnen geen rechten worden ontleend.